Zeg het maar.

Het was tijdens het hardlopen dat ik aan deze plek moest denken en dat ik hier niet meer schrijf, sinds een tijdje, waarschijnlijk omdat ik elders des te harder schrijf. Tijdens het Das Mag Festival afgelopen zaterdag had ik een gesprek met iemand over het belang van plezier hebben in wat je doet zonder dat je het jezelf daarom makkelijk moet maken en de conclusie, kort door de bocht, was dat dit plezier nauw verbonden is met waarachtigheid. Iedereen zal je doorzien, altijd, en anders volstaat het wel dat er simpelweg iemand aanwezig is om ervoor te zorgen dat je jezelf doorziet – hetgeen nog erger is.
Afijn, ik liep hard, ik had op motregen gehoopt, een flinterdun laagje spikkelwater op mijn windjack en een zacht, regelmatig zuchten in mijn oren alsof iemand er grote zeeschelpen tegen aan drukte maar er was zon en de plas achter het Flevopark was glad en onverstoorbaar.
Pas veel later, aan een tafeltje in de stad, werd het koud en veel mensen vroegen mij: ‘En? Hoe zit het met jou? Wat doe je? Wat ga je doen?’
En ik zei: ‘Zeg het maar, zeg jij het maar wat ik moet doen.’
Niemand wist het.