Nieuwe auto.
‘Heb je eigenlijk een proefritje gemaakt?’
‘Nee hoor,’ zegt Liefje.
‘Maar je hebt er wel even in gezeten?’
‘Kijk schat,’ zegt Liefje tegen Lola terwijl ze naar de foto’s op haar laptop wijst. ‘Onze nieuwe auto. Een zwarte. Mooi, hé.’
‘Lieveling. Heb je er even in gezeten?’
‘Ehm. Neen. Eigenlijk niet.’
‘Heb je erin gekeken?’
‘Jaha, duh,’ zegt Liefje. ‘Natuurlijk. Daarom heb ik ook gevraagd om dat nep houten dashboard van onze auto in deze te monteren. Is toch mooier.’
‘Mooier.’
‘Ja toch?’
‘Zeker. Heb je hem verder nog vragen gesteld?’
‘Nou ja. Ik heb gevraagd: wat moet ik weten over deze auto? En dat heeft hij mij verteld.’
‘Oké. Is het een benzine of een diesel?’
‘Ehm. Het is een turbo. Die rijden beter. En kijk, hier: “nieuwstaat!”’ Ze wijst opnieuw naar de laptop
‘Helder.’
‘O ja en hij heeft de motorkap open gedaan. Alles was heel schoon.’
‘Schoon.’
‘Ja. Maar hij is mooi, hé? Kijk nou.’
Ondertussen, in de hoek van de kamer, zit Lola op de grond met haar armen gekruist voor haar borst. Ze huilt en ze zegt: ‘Ik wil een ZILVEREN auto!’
Zeer gevat en heel herkenbaar!
theo van hertbruggen - 11-02-’12 20:36